30 maart 2026

Ook het nieuwe kabinet knaagt aan de demonstratievrijheid

 

Het nieuwe minderheidskabinet van D66, VVD en CDA heeft een wet ingediend die het mogelijk maakt burgers zonder verdenking in de gaten te houden. De politie moet demonstranten en relschoppers beter in het vizier kunnen houden, vindt het kabinet. Verantwoordelijk voor de verruiming van de mogelijkheden voor de politie is minister van Justitie en Veiligheid, David van Weel, de VVD-bewindsman die in de vorige regering in dezelfde functie ook al aanzette tot een inperking van de demonstratievrijheid.

'Dit is echt vergaand',  zegt lector Willem Bantema, die al jaren onderzoek doet naar bestuurlijke handhaving en digitalisering. 'Gaan ze straks bijvoorbeeld bij iedereen van Extinction Rebellion rondkijken wat diegene zoal aan het doen is?' De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) toonde zich eerder al uiterst kritisch over de plannen voor verruiming. Zij vinden dat de wetgever onvoldoende duidelijk maakt waar de grens ligt voor de politie. 

VN-speciaal rapporteur voor milieubeschermers Michel Forst maakt zich ook zorgen. “Het demonstratierecht is stevig verankerd in het internationaal recht. Maar na een rondreis langs een twintigtal Europese landen concludeer ik dat deze vrijheid in de praktijk bedreigd wordt – juist ook in democratische, progressieve landen, waaronder Nederland.” Hij heeft ook kritiek op de media die het publiek niet goed inlichten over de redenen waarom mensen de straat op gaan. Daardoor worden vreedzame demonstranten in toenemende mate over één kam geschoren met relschoppers, zegt Forst, en neergezet als gevaarlijke criminelen. “Dat zorgt voor een ontmoedigend effect: mensen durven de straat niet op te gaan, omdat zij bang zijn te worden gearresteerd of gemonitord.”

En precies daar zit het punt waarop de democratie wordt ondermijnd. Want, zegt politiek filosoof Mathijs van de Sande van de Radboud Universiteit 'mensen die hun stem onvoldoende vertolkt zien moeten in staat gesteld worden een publieke interventie te doen.' Het 'chilling effect' van de aangekondigde maatregel moet niet onderschat worden. Dat slechts 3% van de demonstraties uitloopt op rellen zou voor de politie aanleiding moeten zijn zich daarop te richten en niet op alle voor het overgrote deel vreedzame demonstranten zoals Van Weel nu mogelijk wil maken. Met zijn voorstel krijgt een eenzijdige en ongenuanceerde publieke opinie over hinderlijke acties van bijvoorbeeld Extinction Rebellion de overhand boven de bescherming van democratische rechten. De VVD wordt zo steeds meer 'de partij voor vrijheid noch democratie'.

17 maart 2026

De strijd om het verkiezingsaffiche


 De Amsterdamse burgemeester Femke Halsema keert zich tegen de vernieling van verkiezingsposters. „Het is niet alleen vandalisme , het is ook ondemocratisch”, stelt ze maandag. „Wat je idealen of motieven ook zijn, ondermijn vrije verkiezingen niet. Poten af van de verkiezingsposters!” Vooral de posters van Forum voor Democratie moeten het ontgelden met hakenkruizen en Hitlersnorretjes op de foto van Lidewij de Vos. 

Ook posters van D66 in Sittard en van Leefbaar Rotterdam zijn beklad met swastika's en verwijzingen naar het fascisme. Een 'rondje langs de velden' levert verder meldingen op uit de Betuwe, De Bilt, Hendrik-Ido-Ambacht, Berlicum, Oisterwijk, Leiderdorp, Ronde Venen, Woerden en Hoogmade. Ook CDA, SGP, CU, VVD en GroenLinks-PvdA hebben te lijden onder de vernielingen. En overal worden ze betreurd door burgemeesters die eenzelfde boodschap hebben als Halsema. Burgemeester Haverkamp van De Bilt: 'Dit veroordeel ik ten zeerste; dit hoort niet thuis in onze democratie. Ik roep u daarom op elkaar in elkaars waarde te laten en u goed te laten informeren door deze uitingen.'

De burgemeesters hebben gelijk. In de verkiezingsstrijd moeten alle stemmen gehoord kunnen worden. Het dwarsbomen van de uitingen van een concurrent is uit den boze. Vrije verkiezingen in een democratisch land vereisen tolerantie ten opzichte van alle deelnemers. Burgemeesters staan in Nederland boven de partijen en het is duidelijk dat zij zich in die functie zorgen maken over dit soort acties, die velen met hen ook zullen zien als een betreurenswaardige uiting van de toenemende politieke polarisatie en de vijandigheid tegen alle politiek. 

Maar de posterstrijd is niet van vandaag of gisteren. Wie wat langer meegaat zal zich de borden met verscheurde affiches nog wel herinneren. Het 'overplakken' van affiches op de borden die vroeger in veel gemeenten in verkiezingstijd werden geplaatst was een vast onderdeel van de campagne. Iedereen wist dat het niet netjes was, maar het gebeurde toch wel. Het gevecht om de aandacht hoorde er bij. En waar gevochten wordt is overtreding van de regels altijd dichtbij. 

Het past niet, dat is duidelijk. Toch aarzel ik om Halsema c.s. volledig gelijk te geven. De strijd om de posters is ook onderdeel van de strijd over waarden die in verkiezingen een rol spelen. Het Hitlersnorretje is ook een statement dat gezien mag worden, zou je kunnen zeggen, net als de leuzen op de affiches. En dit statement komt in elk geval voort uit een democratische gezindheid die sympathie oproept, ondanks dat er regels overtreden worden.