19 augustus 2019

Fotograaf klaagt Facebook aan

Fotograaf Thijs Heslenfeld heeft aangifte gedaan tegen Facebook bij het Openbaar Ministerie (OM) in Amsterdam, schrijft De Volkskrant. Heslenfeld wil dat het OM een strafrechtelijk onderzoek begint naar het fotobeleid van Facebook. De fotograaf claimt dat het beleid van Facebook in strijd is met de Nederlandse grondwet. Zo vindt Heslenfeld dat zijn vrijheid van meningsuiting is aangetast omdat het platform tot driemaal toe zijn foto’s heeft verwijderd en zijn account daarna twee keer heeft geblokkeerd. De laatste keer trof dat een foto van een meisje met ontbloot bovenlijf. Facebook wil er niet op in gaan. ‘Net als bij kunst zullen mensen altijd van mening verschillen over wat wel en niet geschikt is om te publiceren.’


23 juli 2019

Moet het internet gereguleerd worden? En zoja hoe?

De oorspronkelijke droom van internet als een digitale ruimte waar burgers elkaar in alle vrijheid kunnen ontmoeten en waar iedereen toegang heeft tot alle informatie is al lang vervlogen. Het internet wordt gedomineerd door 'tech-reuzen' die opereren vanuit commerciële belangen en die ons vooral gebruiken als leveranciers van data, het 'nieuwe goud' in de economie.
De positieve beloftes van het internet worden meer en meer overschaduwd door zaken die afschuw oproepen: 'hatespeech', kinderporno, discriminatie, bedreigingen, 'fake' nieuws, misdaad en bedrog. De roep om overheidsingrijpen wordt dan ook steeds vaker gehoord. En dan gaat het vooral om de sociale media zoals Facebook, Twitter en Youtube. Duitsland heeft inmiddels een Netzwerkdurchsetsungsgesetz. Frankrijk heeft wetgeving ingevoerd tegen haatzaaien.

Donderdag 4 juli vond er in de Rode Hoed in Amsterdam een debat plaats over dit onderwerp met VN-rapporteur David Kaye naar aanleiding van zijn boek Speech Police: the global struggle to govern the internet. Aan het debat namen verder deel het net afgetreden Europarlementslid voor D66 Marietje Schaake en de directeur van het Centrum De Waag, Marleen Stikker. Kunnen we agenten op het internet tolereren zonder schade te berokkenen aan de idealen van het vrije verkeer van informatie en de vrijheid van meningsuiting? Het blijkt geen eenvoudige kwestie.

Kaye stelt voor het internet te onderwerpen aan mensenrechten. „We hebben in internationale mensenrechtenverdragen afgesproken wat onder de vrijheid van meningsuiting valt, en wat niet. Oproepen tot geweld of aanzetten tot haat tegen een bevolkingsgroep geldt bijvoorbeeld als misbruik van dat recht. Waarom zouden we socialemediabedrijven niet aan die afspraken houden?” Een redelijk standpunt dat echter niet eenvoudig zomaar overal in wetgeving kan worden omgezet, ook al zijn de tech-reuzen inmiddels niet meer afkerig van regulering.


12 juli 2019

GroenLinks vliegt uit de bocht

Over nepnieuws heb ik hier eerder geschreven. Heimelijk politiek bedrijven door middel van het opzettelijk verspreiden van foutieve informatie is een eeuwenoude truc van politieke propagandisten. Zie het als een poging de tegenstander ontregelen door de verspreiding van leugens en geruchten. Dat de overheid ons hiertegen zou moeten beschermen, zoals sommige politici suggereren, is echter een gevaarlijke gedachte. Die overheid is zelf partij en dient het onderscheid tussen waarheid en leugen over te laten aan het onafhankelijk oordeel van de burgers om niet in censuur te vervallen. De beste bestrijding van nepnieuws ligt in handen van onafhankelijke media die de leugens en verzinsels ontmaskeren en burgers in staat stellen zelf te beoordelen wat zij wel of niet moeten geloven. Tegen het nepnieuws werkt alleen het echte nieuws. En opvoeding in 'mediawijsheid'.

In een debat met minister Ollongren bleek dat GroenLinks Kamerlid Nevin Özütok dit niet helemaal goed begrepen heeft. Ze stelde voor de Kiesraad de taak te geven nepnieuws in verkiezingscampagnes te detecteren en aan de kaak te stellen. Özütok werd vervolgens op pijnlijke wijze op haar nummer gezet door PVV-Kamerlid Martin Bosma. Hij maakte van de gelegenheid gebruik om zijn rabiate anti-communisme te etaleren, tot plezier van zijn fans die onder het gepubliceerde filmpje helemaal los gaan tegen die verschrikkelijke gevaarlijke 'groenlinkse communisten'. Dat slaat natuurlijk nergens op. Maar verder moet ik Bosma puur inhoudelijk gelijk geven. De overheid dient zich verre te houden van oordelen over de kwaliteit van nieuwsberichten. Voor je 't weet krijgen we praktijken terug zoals vroeger gebruikelijk in de Rooms-Katholieke kerk toen de bisschoppen nog publicaties goedkeurden met een 'nihil obstat'-stempel.


25 juni 2019

Grenzen trekken

Ian Buruma, de onfortuinlijke hoofdredacteur van de The New York Review of Books, zag zich al na korte tijd gedwongen ontslag te nemen nadat hij een artikel had geplaatst van een man die beschreef hoe hij door een #MeToo affaire plots als paria werd behandeld. Voor veel lezers bleek het een brug te ver om deze paria een podium te geven. Bij zijn aftreden schreef Buruma een commentaar en daarin maakte hij het onderscheid tussen insult (belediging) en offense (aanstoot). Het eerste is bewust, het tweede afhankelijk van de ontvanger. ‘Aanstoot wordt genomen, belediging uitgedeeld.’ Aanstoot geven moet kunnen, beledigen is een moedwillige poging om iemand kwaad te doen en dat gaat volgens Buruma over de grens. Coen van de Ven schrijft er over in De Groene.  Hij levert terecht kritiek op het besluit van de The New York Times om, na alle ophef over een spotprent van Trump met een keppeltje achter een blindengeleidehond met davidster die de Israëlische premier Netanyahu moet voorstellen, nu maar helemaal geen cartoons meer te plaatsen. Redactionele luiheid, vindt hij. Cartoons moeten het hebben van scherpte, ze zullen altijd wel bij iemand voor aanstoot zorgen. En hij citeert cartoonist Joep Bertrams: ‘Door volledig te stoppen met het genre zeg je eigenlijk: ik heb geen zin in dat gehannes’.

In Nederland is het geven van aanstoot voor de meeste mensen nauwelijks nog een punt van discussie, misschien met uitzondering van de 'potloodventer'. Bewuste belediging ligt een heel stuk moeilijker. De strafwet kent daarvoor nog drie varianten: eenvoudige belediging, smaad (bewust kwaadaardige praatjes verspreiden) en laster (bewust leugens vertellen die iemands reputatie aantasten). En dan is er ook nog de omstreden groepsbelediging. In alle gevallen zou ik met Buruma mee willen gaan en de grens leggen bij het opzettelijk toebrengen van schade: iemand moedwillig met woorden of beelden een klap verkopen die de persoon of groep pijn doet. Dat is niet alleen onfatsoenlijk, maar daarmee wordt een grens van beschaving overschreden. Of dat in alle gevallen tot een veroordeling door de strafrechter moet leiden valt nog te betwisten, maar het lijkt me heel redelijk dat de mogelijkheid in elk geval bestaat.

Proces Wilders

Deze week vindt de inhoudelijke behandeling plaats van het hoger beroep in de 'minder, minder Marokkanen'- zaak waarin Geert Wilders in 2016 werd veroordeeld voor groepsbelediging. De rechtbank zag in Wilders' duidelijk vooraf geregisseerde actie op de verkiezingsavond van de raadsverkiezingen in 2014 een teken van het minderwaardig verklaren van een bevolkingsgroep als zodanig. En dat valt onder de strafbaarheid van groepsbelediging. De moedwillig toegebrachte schade zit dan vooral in de intimidatie, de bedreiging van een deel van de bevolking. Bedreiging veroorzaakt angst en dat kan een gerechtvaardigde reden zijn om de vrijheid van meningsuiting te beperken.


11 juni 2019

Twitter straft

Geert Wilders heeft een halve dag geen gebruik kunnen maken van zijn Twitter-account. Het was een straf van het bedrijf omdat de politicus zich niet aan de regels heeft gehouden. Hij schreef in reactie op een tweet van zijn collega Jetten van D66 waarin stond dat we altijd moeten opstaan tegen antisemitisme in Nederland en Europa:
‘Laten we altijd opstaan tegen de sukkels van @D66 die de grenzen open laten staan en meer en meer islam importeren om vervolgens krokodillentranen te huilen over de gevolgen daarvan zoals antisemitisme, eerwraak, vrouwenbesnijdenis, terrorisme en haat.’
Volgens Twitter is dat haatdragende gedrag. Wilders kreeg een mail waarin verwezen wordt naar de huisregel: You may not promote violence against, threaten, or harass other people on the basis of race, ethnicity, national origin, sexual orientation, gender, gender identity, religious affiliation, age, disability, or serious disease. Een vreemde reactie op de tweet van Wilders, meent ook De Volkskrant:
Zijn D66’ers volgens Twitter een gemarginaliseerde gemeenschap die speciale bescherming verdient? Dat Wilders zijn politieke tegenstanders uitmaakt voor ‘sukkels’ is weinig verheffend, maar op het eerste gezicht toch niet schokkender dan een recente tweet van D66-europarlementariër Sophie in ’t Veld. Zij kwalificeerde Kamerleden die zich keren tegen het streven naar een ‘steeds hechter verbond’ van EU-lidstaten onlangs als ‘onnozel’. Die tweet bleef gewoon staan.
Een doodsbedreiging tegen Wilders van een Pakistaan werd ook niet verwijderd.

28 mei 2019

Leid burgers niet om de tuin

Lokaal nieuws uit Apeldoorn van Dagblad De Stentor:
De complete redactie van het Apeldoornse wijkblad de Wijkkijker is vanwege een curieuze reden opgestapt. Omdat er van de wijkraad Osseveld-Woudhuis geen artikelen meer over de komst van het azc aan de Deventerstraat geschreven mogen worden, hebben de tien schrijvers hun taken neergelegd.
De redactie vermoedt dat de wijkraad onder druk staat van de gemeente. Die ontkent dat, net als de voorzitter van de wijkraad. Die zegt dat het drie maal per jaar uitkomende blad in de loop der jaren los is komen te staan van de wijkraad. Op de uitvoerige artikelen over het azc wil hij niet aangesproken worden. Nu even stoppen over dat onderwerp en er later misschien nog eens op terug komen in overleg met de wijkraad, was het verzoek dat de redactie aanleiding gaf om op te stappen.

Het laatste artikel is volgens De Stentor een voorbeeld van serieuze journalistiek. 'De redactie laat allerlei experts, zowel voor- en tegenstanders, aan het woord. Hoewel er de nodige kritiek in doorklinkt, is het feitelijk van toon en niet vanuit de onderbuik geschreven.'

Hier gaan twee dingen fout.

10 mei 2019

Een onveilig klimaat voor journalisten

Ter gelegenheid van de Dag van de Persvrijheid publiceerde de Nederlandse Vereniging voor Journalisten (NVJ) een nieuw onderzoek naar bedreigingen, intimidaties en geweld waar journalisten mee te maken hebben. Twee jaar geleden is er al eens onderzoek op dit gebied gedaan door voormalig ombudsman Alex Brenninkmeijer en Marjolein Odekerken. De resultaten waren volgens de NVJ tamelijk verontrustend. In het nieuwe onderzoek van Odekerken en Laura Das was de focus gericht op vrouwen en online pogingen tot intimidatie. De helft van de vrouwelijke journalisten in Nederland heeft daar ervaring mee vanwege hun werk. Vooral vrouwen met een migratieachtergrond en freelancers melden vervelende incidenten.

Het onderzoek werd woensdag j.l. gepresenteerd op het Festival van het Vrije Woord in Hilversum waarna een forum de resultaten besprak. Opvallend is het verschil in bedreigingen tussen mannen en vrouwen. Mannelijke journalisten hebben ook te maken met bedreigingen, en soms zelfs fysiek geweld. Misdaadverslaggevers Paul Vugts en John van den Heuvel hebben zelfs politiebescherming. Vorig jaar zijn de gebouwen van de Telegraaf en Panorama door criminelen vernield (een van de redenen waarom Nederland een plaats is gezakt op de Persvrijheidsmonitor). Maar de bedreigingen van mannen betreffen vrijwel altijd wát ze schrijven of filmen, terwijl vrouwen online geconfronteerd worden met seksistische en racistische uitingen vanwege hun identiteit. NRC-columniste en forumlid Clarice Gargard: 'De boodschap is eigenlijk dat ik niet thuis hoor in het publieke debat.' De vertegenwoordigster van SOFO, een door de OVSE geïnitiëerd programma voor de Safety of Female Journalists Online, zei het zo: mannelijke journalisten worden aangevallen op hun standpunt, vrouwen omdat ze een überhaupt een standpunt naar buiten brengen; en des te vaker naarmate het een dissident standpunt betreft.