30 oktober 2026

Waarborgen voor de persvrijheid




De persvrijheid is een groot goed in een democratische samenleving. Hoe die het beste gegarandeerd kan worden is onderwerp van debat sinds de eerste kranten verschenen. In liberaal democratische landen is er over het algemeen steun voor het idee dat de staat zich verre moet houden van bemoeienis met de media. De voorkeur voor particulier eigendom van de media roept echter wel de vraag op of ondernemers binnen de wetten van het kapitalisme wel in staat zijn maximale vrijheid te geven aan journalisten en publicisten. Loopt de vrijheid niet tegen grenzen aan als de winst van de media-ondernemer in gevaar komt? 

Behalve aan vrijheid voor de pers hechten we ook aan pluriformiteit. Democratie is gebaat bij het aan bod laten komen van alle verschillende stemmen in de samenleving. Een media-aanbod waarin slechts een beperkt aantal stemmen te horen is beperkt de omvang van het publieke debat. Ook op dit punt kun je vragen stellen gegeven alle persconcentraties en de monopolievorming van 'big tech' bedrijven. 

De European Media Freedom Act (EMFA) die vorig jaar in werking is getreden moet de nodige waarborgen bieden voor de vrijheid en de pluriformiteit van de pers. De wet bepaalt onder andere dat media-aanbieders transparant moeten zijn over eigendom en financiering en dat nieuwsaanbieders redactionele onafhankelijkheid moeten waarborgen. Europese wetgeving moet altijd gevolgd worden door nationale uitvoeringswetten die de Europees overeengekomen bepalingen in termen van nationale wetgeving gieten. De Nederlandse regering is daar niet al te snel mee. Het uitvoeringswetsvoorstel dat zowel de Mediawet als de Mededingingswet wijzigt zit nu in de consultatiefase. Er kan tot 5 november op gereageerd worden. 

Villemedia-columnist Kim van Keeken wijst op de zwakke punten uit het regeringsvoorstel. 'De ministers willen het Commissariaat voor de Media, dat pluriformiteit en redactionele vrijheid toetst, slechts een adviserende rol geven bij fusies. ACM (gericht op mededingingsrecht) is de enige die een oordeel velt, en vraagt het Commissariaat om advies. Daarmee ontstaat, aldus het Commissariaat, ‘het risico dat het pluriformiteitsbelang ondergeschikt raakt aan het economische belang’. Ander voorbeeld: er komt wel een databank met informatie over media-eigendom. Alleen wel op basis van vrijwillige medewerking van de mediadiensten zelf. Een wassen neus dus.' 

In de loop van de geschiedenis zijn er hier en elders tal van voorwaarden geschapen die de vrijheid en de pluriformiteit van de pers moeten waarborgen. Maar uiteindelijk blijven het nog steeds de economische belangen die de doorslag geven. Zo drukt de Nederlandse uitvoering van de EMFA ons andermaal met de neus op de feiten. 


Geen opmerkingen: